maandag 3 oktober 2011

Kaïn bouwde een stad, waar kwamen al die mensen vandaan om een stad te stichten?

Uitgaande van de Bijbelse geschiedenis woonden er in het begin van de menselijke geschiedenis slechts twee mensen op aarde: Adam  en Eva. Zij kregen twee zonen Kaïn en Abel (Gen. 4, 1 en 2). Een paar verzen later staat in Genesis 4, 17: “Kaïn had gemeenschap met zijn vrouw; zij werd zwanger en baarde Henoch. Hij stichtte een stad, en noemde die stad naar zijn zoon Henoch.” In Genesis 4 vers 25 wordt dan nog een kind uit Adam en Eva geboren, Set. Hoe kan het nu dat Kaïn een stad stichtte, terwijl er nog maar zo weinig mensen waren? Op die vraag probeer ik in onderstaand stukje een antwoord te geven.

Hoewel slechts deze drie zonen bij name genoemd worden, hadden Adam en Eva meer kinderen. In Genesis 5, 4 staat dat Adam zonen en dochters kreeg — "En de dagen van Adam, nadat hij Set verwekt had, waren achthonderd jaar, en hij verwekte zonen en dochteren." Hier staat niet wanneer die kinderen werden geboren. Veel van hen konden geboren zijn in de 130 jaar (Genesis 5, 3) voor Set geboren was. Gedurende hun leven kregen Adam en Eva heel veel kinderen, zonen en dochters. De Joodse historicus Josephus schreef, dat, "Het aantal kinderen van Adam, volgens de overlevering, 33 zonen en 23 dochters was."1 Als we hun lange levensduur in aanmerking nemen (Adam leefde 930 jaar—Genesis 5, 5), lijkt het mij redelijk om aan te nemen, dat het er veel waren! Denk er wel aan, God had hen het bevel gegeven: "Weest vruchtbaar en wordt talrijk" (Genesis 1, 28).



De vrouw
We weten niet exact wanneer Kaïn trouwde, ook krijgen we geen details te over andere huwelijken en kinderen, maar het staat vast dat enkele broers bij de aanvang van geschiedenis met hun zussen getrouwd zijn. Veel mensen zullen deze conclusie onmiddellijk verwerpen door te verwijzen naar het verbod op een broer-en-zuster huwelijk. In feite is het zo, dat als je niet met een verwant iemand mag trouwen, dan kun je met niemand huwen! Elke vrouw is verwant aan haar man, zelfs voor het huwelijk, omdat alle mensen nakomelingen van Adam en Eva zijn—we hebben allemaal "hetzelfde bloed." De wet die het huwelijk tussen naaste familieleden verbood werd pas bij Mozes gegeven (Leviticus 18-20). Het was in die begintijd geen ongehoorzaamheid aan God als naaste verwanten met elkaar huwden (zelfs broers en zusters).

Biologische Afwijkingen
Vandaag de dag is het volgens de wet voor broers en zusters (en halfbroers en halfzusters) niet toegestaan om te trouwen, omdat de kinderen uit deze verbintenis een onacceptabel risico lopen om mismaakt te worden. Hoe meer de ouders aan elkaar verwant zijn, hoe groter het risico dat hun nageslacht afwijkingen zal krijgen. Iedereen heeft twee set genen en ieder mens erft een gen van elke ouder. Jammer genoeg kunnen genen vandaag de dag fouten bevatten (vanwege zonde en de vloek) en deze fouten komen op diverse wijzen aan het licht. Hoe meer ouders aan elkaar verwant zijn, hoe waarschijnlijker dat ze vergelijkbare afwijkingen in hun genen hebben. Kinderen, die een set genen van elke ouder erven, lopen zo een groot risico geboren te worden met dubbel slechte genen, terwijl normaal gesproken vaak een goed gen dominant is en het kwade gen leidt daardoor niet tot problemen. (In het algemeen gesproken kan men stellen, dat het menselijke ras langzaam degenereert, omdat de fouten zich generatie na generatie opstapelen).

Adam and Eva hadden die opeenstapeling van genetische fouten niet. Toen de eerste twee mensen werden geformeerd, waren ze lichamelijk perfect. Alles wat God maakte was erg goed (Genesis 1, 31), dus hun genen waren perfect—geen fouten! Vandaar dat ze ook zo oud werden. Maar toen de zonde in de wereld kwam (vanwege Adam en Eva die van de verboden vrucht gegeten hadden), vervloekte God de wereld. Zodat de perfecte creatie begon te degenereren vanaf dat moment, d.w.z. ze werd aan de dood en het verval onderhavig (Rom. 8, 22). Over duizend jaar heeft deze degeneratie allerlei soorten genetische fouten in levende dingen voortgebracht. Sommige aanpassingen van dieren, die evolutionair gezien een voordeel zijn, zijn genetisch gezien een degeneratie, bijvoorbeeld ijsberen die het gen voor kleur in hun vacht verloren hebben en daardoor een witte vacht hebben.

“Daarna trok Kaïn weg uit de nabijheid van de HEER en vestigde zich in het land Nod, ten oosten van Eden. Kaïn had gemeenschap met zijn vrouw; zij werd zwanger en baarde Henoch. Hij stichtte een stad, en noemde die stad naar zijn zoon Henoch.“

Sommige mensen hebben beweerd, dat, omdat Kaïn een stad bouwde in het land Nod, er wel een heleboel mensen moeten hebben gewoond. Het Hebreeuwse woord voor stad betekent eigenlijk niet wat wij onder stad verstaan. Het woord betekent een ommuurde stad of een omheind kampement. Zo'n honderd inwoners zou al voldoende geweest zijn om het een stad te noemen. Hoe dan ook, er kunnen al best veel afstammelingen van Adam gewoond hebben tegen de tijd van Abels dood.

Set werd geboren toen Adam 130 jaar oud was (Genesis 5:3), en Eva beschouwde hem als een vervanger voor Abel (Genesis 4:25). Dus zal de periode van de geboorte van Kaïn tot de dood van Abel honderd jaar of meer hebben kunnen duren-- genoeg tijd voor de geboorte van veel kinderen en kleinkinderen van Adam en Eva. Gezien de hoge leeftijd van de mensen in die tijd en het grote aantal kinderen is het heel goed mogelijk dat er na 100 jaar al zo’n 500.000 mensen woonden op aarde2. Meer dan genoeg voor een behoorlijke stad.


Voetnoten
1.William Whiston, The Complete Works of Josephus (Grand Rapids, MI: Kregel Publications, 1981), pag. 27.

2. Er van uitgaande dat mensen jong trouwden (18 jr.) en elke drie jaar een kind kregen (wat alleszins haalbaar is) en veel kinderen kregen (tussen de 5 en 25).